John Vandaele

Journalist bij het mondiale magazine Mo* en auteur.

Chronologie

01 Nov - 30 Nov 2014
01 Jul - 31 Jul 2014
01 Aug - 31 Aug 2013
01 Okt - 31 Okt 2011
01 Jul - 31 Jul 2011
01 Jun - 30 Jun 2010
01 Apr - 30 Apr 2010
01 Dec - 31 Dec 2009
01 Jul - 31 Jul 2009
01 Jun - 30 Jun 2009
01 Mei - 31 Mei 2009
01 Apr - 30 Apr 2009
01 Feb - 28 Feb 2009
01 Dec - 31 Dec 2008
01 Nov - 30 Nov 2008
01 Aug - 31 Aug 2008
01 Mei - 31 Mei 2008
01 Apr - 30 Apr 2008
01 Mrt - 31 Mrt 2008
01 Feb - 28 Feb 2008
01 Jan - 31 Jan 2008

Links

De vieze gasten
Buren van de abdij
Mo* magazine

Publicaties

Ik schreef recent boeken over de economische crisis (2012), over de strijd om waardig werk (2009; met Dirk Barrez), het neoliberalisme in tijden van globalisering (2007) en over de wereld van de internationale financiële instellingen (2005). Voor meer info en besprekingen, zie de rechts op de openingspagina.

Laatste Reacties

Walter De Vos (Snuivende Tom sch…): Ik denk dat de moderne re…
Jef Eggermont (De natie biedt so…): Dit artikel verheugt me. …

Contact

John nu

Je kan me
best bereiken
via e-mail.


Deze site werd in de winter van 2008 voor me gemaakt door Aldo Siblings.

Powered by Pivot - 1.40.4: 'Dreadwind'  XML: RSS Feed  XML: Atom Feed 

« Pakistan is Bornem ni… | Home | De Wever ziet de spli… »

Westen knijpt al jaren oogje dicht voor mensenrechten

Donderdag 21 Juli 2011

(verschenen in De Standaard op 6 november 2010) 

Na de toekenning van de Nobelprijs voor de vrede aan Liu Xiaobo, komt het Westen weer naar voor als de kampioen van de mensenrechten en China als het barbaarse tegendeel daarvan. Het ligt iets complexer dan dat.

Laat het duidelijk zijn. Ik ben blij dat Liu Xiaobo de Nobelprijs voor de Vrede heeft gekregen, omdat ik het erg vind dat deze man voor 11 jaar achter de tralies zit vanwege een relatief gematigd pleidooi voor democratisering. Ondertussen poseert het Westen weer als de verdediger van de mensenrechten en komt China naar voor als het barbaarse tegenbeeld daarvan. En daar is er iets dat wringt. Het Westen is immers niet erg consistent in verband met de mensenrechten in China.

Het Westen is voor de mensenrechten maar toch verplaatsen Westerse multinationals al 20 jaar grote delen van hun productie naar China. Al 20 jaar komt een almaar groeiend deel van onze consumptiegoederen uit China. Al dat werk gebeurt door arbeiders en arbeidsters die niet het recht hebben om zich te verenigen. Lees: in China dat zich communistisch noemt, hebben de miljoenen werknemers die onze goedkope gsm’s, laptops of schoenen maken, niet het recht om een vakbond naar keuze op te richten om zo beter hun belangen te verdedigen. En zo misschien 150 euro in plaats van 130 euro af te dwingen als maandloon.

Nochtans is het recht op vereniging een mensenrecht. Artikel 22 van het Verdrag inzake Burgerlijke en Politieke Rechten stipuleert dat ‘Een ieder het recht heeft op vrijheid van vereniging, met inbegrip van het recht vakverenigingen op te richten en zich bij vakverenigingen aan te sluiten voor de bescherming van zijn belangen. Meer dan dat: de vrijheid van vereniging, behoort tot de vijf fundamentele arbeidsnormen van de Internationale Arbeidsorganisatie (IAO), die alle leden van de IAO geacht worden te promoten.

Ook toen China in 2001 lid werd van de Wereldhandelsorganisatie, was dit onderwerp amper een punt. Zeker, er is de enige vakbond die in China is toegelaten, de All China Federation of Trade Unions (ACFTU) die deel uitmaakt van de communistische partij. Maar die staat meestal heel dicht bij de bedrijfsleiding. In sommige bedrijven die ik bezocht, bleek dat de manager ook de vakbondsverantwoordelijke was. In andere bedrijven wezen arbeidsters schichtig naar de ploegbaas als ik vroeg naar de vakbond. Dat is geheel in lijn met de rol die de ACFTU tot voor kort heeft gespeeld: die van waakhond die de arbeiders erop wees dat het onpatriottisch is om investeerders te irriteren met teveel eisen.

China moet groeien en alles wat dat afremt - zoals investeerders ergeren of staken - is slecht. Voor wie het toch probeerde, dreigden geweld en gevangenis. Dit alles is geen kleine zaak. Het treft niet alleen de levenskwaliteit van tientallen miljoenen Chinese werknemers. Als ‘atelier van de wereld’ zet China een soort van globale standaard, het oefent wereldwijde druk uit op de sociale voorwaarden. En er is meer. Het gebrek aan arbeidsrechten ligt mee aan de basis van de onevenwichten die de globalisering bedreigen. Zolang de Chinese werknemers niet meer kunnen verbruiken wat ze zelf maken – door hen hogere lonen te geven en meer sociale bescherming waardoor ze minder moeten sparen voor de dag dat ze ziek of oud worden - zal China blijven inzetten op export.

En juist die Chinese export, en de handelsonevenwichten die ermee gepaard gaan, leiden tot steeds meer kritiek in de rijke landen, zeker in de Verenigde Staten die getroffen worden door aanhoudende hoge werkloosheid. Het Congres eist nu sancties tegen ‘muntmanipulator’ China. Eerder dan het over de vrijheid van vereniging te hebben, concentreert de aandacht zich haast uitsluitend op de wisselkoersen. China moet zijn munt sneller in waarde laten stijgen en dan komt het allemaal in orde. Dat klopt maar ten dele. Ook de interne verdeling van de koek in China is relevant en daarin spelen sociale rechten een grote rol.

Vanwaar die grote stilte? Is het omdat arbeidsrechten er in deze globalisering eigenlijk niet toe doen? Ook in de Verenigde Staten is het soms moeilijk om een bedrijfsvakbond op te richten. Of is het omdat daarover beginnen de hele globalisering in de problemen kan brengen – voor China zijn andere verenigingen dan de communistische partij immers erg bedreigend en dus onbespreekbaar - en we dat een beetje teveel gevraagd vinden als het gaat om mensenrechten? Ik denk het.

En eigenlijk is het nog erger: toen de Chinese regering werkte aan een arbeidswet, gestemd in 2007, die de positie van de werknemers versterkte, lobbyden Europese en Amerikaanse bedrijfskamers in China tegen die wet. Nogal wat Westerlingen vinden dat we het knevelen van de arbeidsrechten in China tijdelijk moeten aanvaarden – ooit, als China meer ontwikkeld is, komt dat wel in orde. En zie, dat klopt nog ook: er wordt aan gewerkt, maar op een Chinese manier. Niet met vrije vakbonden maar met wetgeving: de nieuwe arbeidswet lijkt op het terrein de positie van de werknemers inderdaad wat te verbeteren. Maar hetzelfde argument dat je een land tijd moet gunnen, kan je ook toepassen op de andere politieke rechten. In China wordt immers ook onderzocht of en hoe een geleidelijke overgang naar meer democratie mogelijk is. Een ding mag duidelijk zijn: deze dubbele standaard ontgaat de ontwikkelingslanden niet en ze ondergraaft de Westerse geloofwaardigheid inzake mensenrechten.
geen reacties

  
Persoonlijke info onthouden?

Emoticons / Textile

In de strijd tegen automatisch gegenereerde spam, vraag ik je volgende vraag te beantwoorden.
 

 

Kattebel:
Verberg email:

Kleine lettertjes: Alle HTML-tags behalve <b> en <i> zullen uit je reactie worden verwijderd. Je maakt links door gewoon een URL of email-adres in te typen.